|
|
12月29日 If roses are meant to be red And violets to be blue Why isn't my heart meant for you?
My hands longing to touch you But I can barely breathe Starry eyes that make me melt Right in front of me
Lost in this world I even get lost in this song And when the lights go down That is where I'll be found
This music's irresistible Your voice makes my skin crawl Innocent and pure I guess you heard it all before
Mister Inaccessible Will this ever change? One thing that remains the same You're still a picture in a frame
Lost in this world I even get lost in this song And when the lights go down That is where I'll be found
I get lost in this world I get lost in your eyes And when the lights go down That's where I'll be found Yeah yeah
I get lost in this world I get lost in your eyes And when the lights go down Am I the only one Ooh
 6月23日 Juist dat waarvoor geen woorden zijn Verlangt het sterkst te spreken, Maar is voor immer stom. Toch staart het ons met een welsprekend zwijgen aan Vanuit het wit tussen de woorden.
Xandra Nibbeling
4月28日
Fire and Rain
Just yesterday morning they let me know you were gone Suzanne, the plans they made made put an end to you I walked out this morning and I wrote down this song I just can't remember who to send it to
I've seen fire and I've seen rain I've seen sunny days that I thought would never end I've seen lonely times when I could not find a friend But I always thought that I'd see you again
Won't you look down upon me Jesus You got to help me make a stand You just got to see me through another day My body's achin' and my time is at hand And I won't make it any other way
Oh I've seen fire and I've seen rain I've seen sunny days that I thought would never end I've seen lonely times when I could not find a friend But I always thought that I'd see you again
Been walkin' my mind to an easy time My back turned towards the sun Lord knows when the cold wind blows It'll turn your head around Well, there's hours of time on the telephone line To talk about things to come Sweet dreams and flying machines in pieces on the ground
Oh, I've seen fire and I've seen rain I've seen sunny days that I thought would never end I've seen lonely times when I could not find a friend But I always thought that I'd see you, baby, one more time again now Thought I'd see you one more time again There's just a few things comin' my way this time around now Thought I'd see you, thought I'd see you Fire and rain
|  |
4月7日
Weet dat er op dit moment:
iemand erg trots op je is. iemand voor je zorgt. iemand met je wil praten. iemand je mist. iemand bij je wil zijn. iemand hoopt dat het je goed gaat. iemand dankbaar is voor jouw aanmoediging. iemand je hand vast wil houden iemand hoopt dat alles goed komt. iemand hoopt dat je gelukkig bent. iemand hoopt dat je hem/haar vindt. iemand jouw succes viert. iemand je een geschenk wil geven. iemand vind dat jij een geschenk bent. iemand je wil knuffelen. iemand van je houdt. iemand je kracht bewonderd. iemand aan je denkt met een glimlach. iemand op jouw schouder uit wil huilen. iemand veel plezier met je wil maken. iemand je wil beschermen. iemand alles voor je wil doen. iemand je vergeeft. iemand dankbaar is voor je vergiffenis. iemand met je wil lachen. iemand aan je denkt en bij je wil zijn. iemand God bedankt voor je. iemand wil weten of je liefde onvoorwaardelijk is. iemand je advies ter harte neemt. iemand je wil vertellen hoeveel er van je wordt gehouden. iemand dromen met je wil delen. iemand je in de armen wil houden. iemand niet kan wachten je weer te zien. iemand van je houdt om dat wat je bent. iemand je bewonderd om wat jij ze laat voelen. iemand blij is dat jij zijn/haar vriend bent. iemand je vriend wil zijn. iemand de hele nacht aan je heeft gedacht. iemand leeft dankzij jou iemand je beter wil leren kennen. iemand dichter bij je wil zijn. iemand je advies mist. iemand vertouwen in je heeft. iemand je vertrouwt. iemand je advies nodig heeft. iemand moet weten dat jij er bent 4月4日
Misschien vannacht
In elke vrouw - in elke man Zit een verlangen groot of klein Om in dit leven als het kan Eén keer gewichtloos vrij te zijn.
Vrij van verdriet en niet meer bang Niet meer alleen en los van toen Omarmd door oeverloos geluk In staat iets kolossaals te doen.
Die ene dag, die ene nacht Niet meer te vragen van: Waarom? Maar zeker weten: Dit ben ik En dit gevoel daar gaat het om.
In elke vrouw - in elke man, Zit een verlangen diep verstopt Om in dit leven - als het kan Eén keer te voelen dat het klopt.
Die ene dag - die ene nacht Die ene man - die ene vrouw Waardoor je één keer zeker weet: Dat deze aarde draait om jou!
Als je dat één keer hebt gevoeld En je dus weet dat het bestaat, Dan moet je tot je laatste snik Onthouden dat het daar om gaat.
Een wonder komt soms onverwacht Je weet het nooit, misschien vannacht!
Paul van Vliet.
|
Het touwtje uit de brievenbus
Ze zeggen: Laat hem los En laat hem niet meer binnen Ze zeggen: Laat hem gaan Hij moet het overwinnen Ze zeggen: Niet erheen Je kunt hem niets meer geven Ze zeggen: Deur op slot Je hebt ook een eigen leven.
Maar ik heb hem toch gevoerd Hap voor hapje Ik heb hem leren lopen Stap voor stapje Sinaasappels Buitenlucht Boterhammen mee Wandelen samen hand in hand Rennen langs de zee Een tikje op zijn vingers Een pluimpje op zijn hoed Een klopje op zijn schouder Van: jongen jij gaat goed Een glimlach van vertrouwen Er wordt van jou gehouen Die hele lange weg Die wij samen zijn gegaan
Nemen geven Leren leven Eigen benen staan Mijn hart mijn huis Mijn beide armen Stonden altijd open En een touwtje uit de brievenbus: Hij kon zo naar binnen lopen.
Maar ze zeggen: Laat hem los Niet meer met hem praten Ze zeggen: Laat hem gaan Je moet het overlaten Dus ik ga daar niet meer heen Ik maak daar niet meer schoon Ik heb mijn eigen leven Maar ook dat van een zoon...
Die ik heb gevoerd Hap voor hapje Die ik heb leren lopen Stap voor stapje Sinaasappels Buitenlucht Boterhammen mee Wandelen samen hand in hand Rennen langs de zee.
Hij is weer even hulpeloos Als dat kereltje van toen Maar ik laat hem nu alleen Ik mag nu niets meer doen.
Maar ik laat toch voor de zekerheid Mocht hij naar huis verlangen Dat touwtje uit de brievenbus Voorlopig nog maar hangen.
Paul van Vliet. |
4月2日
Ik heb je nooit een rozentuin beloofd
Ik heb je nooit een rozentuin beloofd. Ik heb alleen gezegd dat er een tuin zou komen. Maar jij, jij had alleen maar rozen in je hoofd en daar bleef je over malen en van dromen.
Je hebt het onkruid niet gewild en niet gezien hoe ik me in het zweet heb staan te spitten, hoe ik me aan de keien en de modder heb vertild. Jij bleef maar aan die vage rozen klitten.
En toen na jaren zwoegen die tuin er eindelijk was, maar als een ruw stuk grond om samen te ontginnen, zei jij alleen: Een tuin? Maar waar zijn alle rozen nou? En je liep weg en ging teleurgesteld naar binnen.
Maar ik heb je nooit een rozentuin beloofd. Ik heb alleen gezegd dat er een tuin zou komen. En zolang jij rond blijft lopen met die rozen in je hoofd, moet je maar weg. En je hoeft pas terug te komen
als je ook kunt houden van het onkruid en de stenen, en de schrammen en de blaren op mijn handen ook wilt zien. En als alles mee wil zitten en we blijven samen spitten, groeit er op een dag één roos... misschien.
Paul van Vliet
Over het boek: Ik heb je nooit een rozentuin beloofd
Het paradijs dat niet beloofd werd, is de wereld waarin dokter Fried haar patiënte, Deborah Blau, hoopt terug te brengen. Hannah Green poogt in dit boek de schizofrenie, altijd beschouwd als een der ergste vormen van waanzin, begrijpelijk te maken. Zij beschrijft het uiterst moeizame gevecht van Deborah tussen de gewone wereld en het "koninkrijk van Yr". Een koninkrijk waar je je kunt koesteren. Yr is behalve een prettige poëtische wereld ook een wereld met gruwelijke regels, een eigen tijdrekening en een eigen taal. Drie jaar duurt de strijd van dokter Fried tegen de heersers van Yr. Dan zegeviert in het meisje Deborah de vrije wil, de wil om te breken met de machten uit haar waanwereld en wordt zij weer baas over zichzelf. Deze unieke beschrijving van dit schizofrene meisje heeft in korte tijd reeds talloze mensen geboeid. Een onthullend boek over de geesteszieke mens.
|  |
3月12日
Lied voor bijna iedereen
Ergens komt een kind vandaan, Van ver, van buiten, zonder naam; Het is nog niemand, spreekt geen woord, Heeft van de dood nog niet gehoord, Het huilt nog van geboortepijn En weet niet wie het ooit zal zijn.
Dan roepen mensen jij jij jij Woon hier bij ons, woon hier bij mij, De wereld wordt een huis voor jou En liefde maakt een mens van jou.
Dan geven wij elkaar een naam: Iemand niemand Kind van mensen Ben jij voortaan.
Ergens moet een mens toch heen, Hij gaat zijn eigen weg, alleen, En zoekt of in de wildernis Een bron van levend water is, En luistert of een woord bestaat Waarin zijn toekomst opengaat.
Dan roepen mensen jij jij jij Woon hier bij ons, woon hier bij mij, Het water is een bron voor jou, De toekomst heeft een woord voor jou.
Dan vindt een mens zijn eigen naam: Iemand niemand Dorst en water Kind van mensen Ben jij voortaan.
Niemand weet waartoe hij leeft, Waarom hij hart en handen heeft; Er is geen daarom, eens voorgoed, Maar enkel adem, vlees en bloed. Zo leeft een mens tot in de dood Onooglijk klein, onzichtbaar groot.
Dan roepen mensen jij jij jij Wees hart en hand en mens voor mij, Wees waarom daarom groot of klein De mens die jij alleen moet zijn.
Zo leeft een mens van naam tot naam: Iemand niemand Dorst en water Vriend en vreemde Kind van mensen Ben jij voortaan.
Niemand weet wat leven is, Alleen dat het gegeven is, Van vuilnisbelt tot gouden troon, Aan vluchteling en koningszoon. Wie leeft die maakt zijn eigen lied En wie niet leeft verstaat het niet.
Laat ze maar roepen jij jij jij Wie leven wil die zingt zich vrij. Wie leeft die maakt zijn eigen lied En wie niet leeft verstaat het niet.
Zo zingen wij elkanders naam: Iemand niemand Dorst en water Vriend en vreemde Dood en leven Mensen mensen Zijn wij voortaan. |  |
Tekst
De steen Ik heb een steen verlegd in een rivier op aarde. Het water gaat er anders dan voorheen. De stroom van een rivier hou je niet tegen. Het water vindt er altijd een weg omheen.
Misschien eens gevuld van sneeuw en regen, neemt de rivier mijn kiezel mee. Om hem dan glad en rond gesleten, te laten rusten in de luwte van de zee.
Ik heb een steen verlegd in een rivier op aarde. Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten, ik leverde 't bewijs van mijn bestaan. Omdat, door het verleggen van die ene steen, de stroom nooit meer dezelfde weg zal gaan.
Ik heb een steen verlegd in een rivier op aarde. Nu weet ik dat ik nooit zal zijn vergeten, ik leverde 't bewijs van mijn bestaan Omdat, door het verleggen van die ene steen, het water nooit dezelfde weg zal gaan.
Bram Vermeulen 3月11日
Naar binnen geplooid
Gevangen in de leegte van mezelf, slachtoffer van dwaze dromen en verlangens. Geen mens is ooit in staat om zelf uit de kerker van de (on)macht te kruipen.
Alleen de hand van een ander kan helpen; de streling van iemand die liefheeft en zwijgzaam naar mij reikt. Geef mij mensen die kunnen helpen, die mij naar buiten mogen plooien en weghalen uit de diepte van eigenwaan en heerszucht en angst voor kleinheid.
Geef mij mensen die mij omgeven met een cirkel van liefde en vertrouwen, zodat ik zacht wiegend naar anderen toegroei.
Liefde op het eerste gezicht
Beiden zijn ervan overtuigd dat een plotselinge hartstocht hen heeft verenigd. Mooi, zo'n zekerheid maar onzekerheid is mooier.
Aangezien ze elkaar eerder niet kenden, menen ze dat er nooit iets tussen hen is voorgevallen. Maar wat zeggen de straten, trappen en gangen daarvan, waar ze elkaar misschien jaren voorbij zijn gelopen ?
Ik zou hun willen vragen of ze zich niets herinneren – een keer oog in oog in een draaideur misschien? een 'pardon' in het gedrang? een 'verkeerd verbonden' in de hoorn?
- maar ik ken hun antwoord. Nee, ze herinneren zich niets. Het zou hen sterk verbazen dat het toeval al een hele tijd met hen speelde.
Nog niet helemaal gereed om hun bestemming te worden, dreef het hen naar en uit elkaar, versperde hun de weg om onderdrukt giechelend opzij te springen.
Er waren tekens en signalen, onleesbaar, maar maakt dat verschil? Dwarrelde er drie jaar geleden of vorige dinsdag misschien een zeker blaadje van arm op arm? Er werd iets verloren en weer opgeraapt. Wie weet was het al de bal in de struiken van de kindertijd.
Er waren deurknoppen en –bellen waarop voortijdig aanraking op aanraking werd gevlijd. Koffers naast elkaar in het bagagedepot. In zekere nacht misschien een eendere droom, direct na het wakker worden uitgewist.
Elk begin is tenslotte niet meer dan een vervolg, en het boek der gebeurtenissen ligt altijd open in het midden. |  |

~Tussen alles door...
Tussen alles door tussen alle roepen door, tussen stemmen die elkaar overstemmen door, is er het gefluister van de mens die haast geen kracht meer heeft. De zachte roep van de gebroken stem die vraagt om gehoord te worden: luister naar mijn fluisteren.
Tussen alle rennen door, tussen allen die zichzelf voorbij hollen door, is er het geschuifel van de mens die nog maar langzaam vooruit komt. Het haast niet mer bewegen van de voeten die vragen om een eindje mee te lopen. Luister naar het geschuifel.
Tussen alle zekerheden door, tussen alle woorden van hen die zo zeker lijken door, is er de aarzelende vraag van de mens die vol vragen in het leven staat. De aarzelende vraag in de ogen vraagt om gezien te worden. Luister naar de vragen. Tussen alle bedrijven door, tussen het druk-zijn met van alles en nog wat door, is er dat onophoudelijk verlangen, van de mens die vraagt om ontmoeting. Het onophoudelijk verlangen in het gezicht vraagt om gehoord te worden: Geef mij een hart dat het verlangen waarneemt. Geeft mij de ogen die de vragen zien. Geef mij oren die het gefluister horen. Schenk mij de ontmoeting die geneest.
Niemand ziet..
Lopen op de weg van eenzaamheid..
Alleen.. en bewust van mijn bestaan
Gevoelens.., onbereikbaar..
Verlangens, mijn hele zijn..
Mezelf opgeborgen..
Beschermd tegen prikkels..
Enkel een huls..
Gevend..
Langzaam raak ik op..
Wie maakt het wat uit..
Zolang ik nog geef..
Niemand ziet..
Niemand kent..
Mijn kaars dooft..
Langzaam..
Zonder afscheid..
|